Huurvoorwaarden

(Versie 11.2018)

1. Toepasselijk recht, positie van de klant, contractinhoud

1.1 Het voorwerp van de overeenkomst is uitsluitend de verhuur van de camper.

1.2 Tussen de verhuurder en de huurder komt een huurovereenkomst tot stand waarop uitsluitend het Duitse recht van toepassing is, in de eerste plaats de bepalingen van deze overeenkomst en aanvullend de wettelijke voorschriften betreffende huurovereenkomsten.

1.3 De huurder stelt zijn eigen reis samen en gebruikt het voertuig op eigen verantwoordelijkheid. De verhuurder is geen reisdiensten verschuldigd en in het bijzonder geen pakket aan reisdiensten. De wettelijke bepalingen over pakketreizen, in het bijzonder de §§ 651a-l van het BGB (Duits Burgerlijk Wetboek), zijn noch direct noch indirect van toepassing op de contractuele relatie.

1.4 Onderdeel van de huurovereenkomst is ook het door de huurder en het uitgiftepunt volledig in te vullen en te ondertekenen overdrachts- en inleverprotocol.

1.5 Meerdere huurders zijn hoofdelijk aansprakelijk.

2. Minimumleeftijd, rijbewijs

Het gehuurde object mag alleen worden bestuurd door huurders of andere bevoegde bestuurders die de leeftijd van 21 jaar hebben bereikt en over een passend rijbewijs beschikken. Het rijbewijs van klasse 3. Een rijbewijs van klasse B geeft uitsluitend recht op het besturen van voertuigen met een toegestaan totaalgewicht tot 3.500 kg, klasse C1 op voertuigen met een totaalgewicht van meer dan 3.500 kg. Bestuurders met een rijbewijs van klasse B en C1 moeten minimaal vier jaar in het bezit zijn van het rijbewijs. Het gehuurde object wordt alleen overhandigd als aan de betreffende voorwaarden is voldaan en het rijbewijs wordt getoond. De verplichting om de overeengekomen huurprijs te betalen blijft hierdoor onverminderd van kracht.

3. Huurprijzen, verzekeringen

3.1 Als huurprijs gelden in principe de prijzen uit de op het moment van het sluiten van de overeenkomst geldende prijslijst, tenzij een speciale prijs is overeengekomen en de prijsafspraak niet op een overduidelijke vergissing berust. Bij de prijsberekening wordt rekening gehouden met de verschillende seizoenen.

3.2 De huurprijzen zijn inclusief onderhoud en reparaties door slijtage, WA-verzekering en cascoverzekering met een eigen risico van minimaal € 1.000,00.

3.3 De voertuigen worden met een volle tank afgeleverd en moeten met een volle tank worden teruggebracht. Gebeurt dit niet, dan wordt naast de kosten voor de brandstof een forfaitaire tankvergoeding van € 15 bruto plus € 0,30 bruto per liter in rekening gebracht.

3.4 De dagprijzen worden berekend per aangevangen 24 uur. De huurprijzen gelden altijd vanaf het station tot de inname door het station. Eenrichtingsverhuur is niet mogelijk. Bij inlevering na de schriftelijk overeengekomen tijd berekenen we € 25 per aangevangen uur (echter maximaal de volledige dagprijs voor elke te late dag). Verder is de huurder verplicht de schade aan de verhuurder te vergoeden die ontstaat als gevolg van de te late inlevering, tenzij de huurder niet verantwoordelijk is voor de vertraging. De verhuurder verzet zich in geval van te late inlevering tegen een voortzetting van de huurverhouding.

3.5 Bij inlevering van het voertuig vóór het einde van de overeengekomen huurperiode moet de volledige contractueel overeengekomen huurprijs worden betaald. Als de verhuurder erin slaagt het voertuig elders te verhuren, wordt de ontvangen huur uit deze verhuur, rekening houdend met een serviceforfait van € 150,00, op de huurprijs in mindering gebracht.

3.6 De huurder is aansprakelijk voor alle kosten, heffingen, boetes en sancties die voortvloeien uit het gebruik van het voertuig, ook voor zover de verhuurder hiervoor wordt aangesproken, tenzij de verhuurder hoofdzakelijk verantwoordelijk is voor de omstandigheid.

4. Boeking, annulering

4.1 Voor zover de partijen geen andere regeling hebben getroffen, heeft de huurovereenkomst betrekking op de gekozen voertuiggroep en niet op een specifiek voertuigtype of een specifieke indeling.

4.2 Na ontvangst van de schriftelijke boekingsbevestiging moet binnen 5 dagen een aanbetaling van 25% van de huursom worden gedaan. Als de huurder deze aanbetaling niet tijdig doet, kan de verhuurder de overeenkomst opzeggen. Als de overeenkomst door opzegging eindigt, is de huurder verplicht een afkoopsom te betalen overeenkomstig de in punt 4.3 geregelde annuleringskosten. Het staat de huurder vrij om aan te tonen dat er geen of minder schade is ontstaan, en de verhuurder om aan te tonen dat er meer schade is ontstaan.

4.3 Indien de huurder om annulering van de overeenkomst verzoekt, zijn de volgende annuleringskosten verschuldigd:

  • tot 60 dagen voor aanvang van de reis: 25% van de huurprijs
  • tot 30 dagen: 50% van de huurprijs
  • vanaf de 30e dag: 75% van de huurprijs
  • op de dag van verhuur of bij het niet afhalen van het voertuig: 90% van de huurprijs

Het staat de huurder vrij om aan te tonen dat er geen of minder schade is ontstaan, en de verhuurder om aan te tonen dat er meer schade is ontstaan. Wij raden het afsluiten van een annuleringsverzekering aan.

5. Betalingsvoorwaarden, borg

5.1 Bij het sluiten van de overeenkomst moet een aanbetaling van 25% worden gedaan. Het resterende bedrag plus de borg moet 4 weken voor aanvang van de huur worden overgemaakt.

5.2 De borg moet bij kortetermijnboekingen samen met de volledige huurprijs direct of uiterlijk bij de voertuigoverdracht worden voldaan.

5.3 Sabine & Thomas Loth zullen na inlevering van het voertuig, rekening houdend met de vorderingen uit de huurovereenkomst, de borg afrekenen en het resterende bedrag overmaken.

5.4 Het gehuurde object wordt alleen overhandigd als naast de vooraf te betalen huur ook de overeengekomen borg is betaald. De verplichting om de overeengekomen huurprijs te betalen blijft hierdoor onverminderd van kracht.

6. Aansprakelijkheid, cascodekking

6.1 De huurder is tijdens de huurperiode volledig verantwoordelijk voor het gehuurde voertuig. Alle beschadigingen aan het voertuig komen voor rekening van de huurder.

6.2 Tussen de contractpartners is een vrijstelling van aansprakelijkheid overeengekomen ter hoogte van een cascoverzekering met een eigen risico van € 1.000 (allrisk) per schadegeval. De huurder is eveneens aansprakelijk voor schade wanneer:

  • a) hij de schadeaangifte, in strijd met de verplichting van de huurder volgens punt 8, niet tijdig of niet volledig of met onjuiste gegevens aan de verhuurder overhandigt.
  • b) hij of zijn hulppersonen vluchtmisdrijf hebben gepleegd, bij een ongeval hebben afgezien van het inschakelen van de politie of onjuiste gegevens over de toedracht van het ongeval hebben verstrekt, voor zover hierdoor de legitieme belangen van de verhuurder bij het vaststellen van de schade zijn geschaad.

6.3 De vrijstelling van aansprakelijkheid heeft geen betrekking op het overeengekomen eigen risico. Deze geldt alleen voor de huurperiode.

6.4 De vrijstelling van aansprakelijkheid (6.2) omvat in het bijzonder geen rem-, bedrijfs- en pure breukschade, evenals schade die te wijten is aan het verschuiven van de lading of ontstaan is door verkeerde bediening (ook meubelschade).

6.5 De regelingen gelden naast de huurder ook voor de bevoegde gebruiker.

6.6 Schade die niet door de cascoverzekering wordt gedekt (bijv. huurderving, waardevermindering na ongevallen), komt voor rekening van de huurder. Als schade door huurderving is de huurder in deze gevallen voor de duur van de reparatie of vervanging de overeengekomen daghuurprijs verschuldigd.

6.7 De huurder is ook onbeperkt aansprakelijk voor schade veroorzaakt door onbevoegde bestuurders.

7. Inleverprotocol, melding van gebreken, verbod op overdracht

7.1 De huurder is verplicht het voertuig in een contractueel correcte staat terug te geven.

7.2 Na aanvang van de huur geconstateerde gebreken aan het huurvoertuig of de uitrusting daarvan moet de huurder onmiddellijk aan het verhuurstation melden.

7.3 De huurder kan geen aanspraken van welke aard dan ook geldend maken als de gebreken die dergelijke aanspraken rechtvaardigen niet schriftelijk en gedetailleerd in het inleverprotocol zijn vastgelegd.

8. Handelen bij ongevallen / onderweg

8.1 Bij een ongeval, brand, diefstal, wildschade of andere schade moet de huurder direct de politie informeren en inschakelen. Claims van tegenpartijen mogen niet worden erkend.

8.2 Hij is verder verplicht de schade onmiddellijk vooraf aan de verhuurder te melden (mobiel, WhatsApp). Bovendien moet hij onmiddellijk, met gebruikmaking van het bij de autopapieren aanwezige schadeformulier dat op alle punten zorgvuldig moet worden ingevuld, de verhuurder volledig informeren, zodat de verhuurder binnen een week aan zijn meldingsplicht jegens de verzekeraar kan voldoen.

8.3 Niet door de verzekering gedekt zijn schades aan dakluiken, dakopbouw en aan de onderzijde van het voertuig. Verder alle schades aan bijvoorbeeld de inrichting, de fietsendrager of andere onderdelen die te wijten zijn aan nalatigheid of opzet. Evenzo het rijden met een te laag oliepeil, het overtoeren van de motor of het rijden op ongeschikte wegen.

8.4 Manoeuvreren en achteruitrijden met het voertuig is de huurder alleen toegestaan onder begeleiding van een hulppersoon.

9. Reparaties

9.1 Reparaties die noodzakelijk worden om de bedrijfs- en verkeersveiligheid van het voertuig te garanderen, mogen door de huurder tot een bedrag van € 150 zonder meer worden uitgevoerd; grotere reparaties alleen met toestemming van het verhuurstation.

9.2 De reparatiekosten worden door het verhuurstation vergoed tegen overlegging van de betreffende originele facturen en de vervangen onderdelen, voor zover de huurder niet aansprakelijk is voor de schade (zie punt 6).

9.3 Schadeclaims voor gebreken aan het voertuig die al voor het sluiten van de overeenkomst aanwezig waren en waarvoor de verhuurder niet verantwoordelijk is, zijn uitgesloten.

10. Bevoegde bestuurders

10.1 Het voertuig mag alleen door de huurder zelf en de in de huurovereenkomst vermelde bestuurders worden bestuurd, mits zij de vastgestelde minimumleeftijd hebben en in het bezit zijn van een geldig rijbewijs volgens punt 2.

10.2 De huurder is verplicht de naam en het adres van alle bestuurders aan wie hij het voertuig, ook al is het tijdelijk, overlaat, vast te leggen en op verzoek aan de verhuurder bekend te maken. De huurder is verantwoordelijk voor het handelen van de betreffende bestuurder als voor zijn eigen handelen.

11. Verboden gebruik

11.1 De huurder is alleen gerechtigd tot het gebruikelijke gebruik van het gehuurde object. Daaronder valt in het bijzonder niet de deelname aan motorsportevenementen en voertuigtests, het vervoer van licht ontvlambare, giftige of anderszins gevaarlijke stoffen, evenals het rijden op onveilig terrein en het plegen van douane- en andere strafbare feiten, ook als deze alleen naar het recht van de plaats van het delict strafbaar zijn.

11.2 Onderverhuur is de huurder verboden.

11.3 Het voertuig moet zorgvuldig en vakkundig worden behandeld en telkens naar behoren worden afgesloten. De voor het gebruik relevante voorschriften en technische regels moeten in acht worden genomen en de onderhoudstermijnen moeten worden nageleefd. De huurder verplicht zich regelmatig te controleren of het gehuurde object zich in een verkeersveilige staat bevindt.

12. Rookverbod / meenemen van dieren

Roken in de voertuigen is niet toegestaan. Het meenemen van dieren is alleen toegestaan als de verhuurder dit in de overeenkomst heeft goedgekeurd. Schoonmaakkosten die ontstaan door niet-naleving, evenals gederfde winst door een daardoor veroorzaakte tijdelijke onmogelijkheid tot verhuur van het voertuig, komen voor rekening van de huurder.

13. Overdracht, inname

13.1 De huurder is verplicht om voor aanvang van de rit deel te nemen aan een uitgebreide voertuiginstructie door onze experts op het uitgiftepunt, en de inlevering samen met de medewerkers van het station uit te voeren.

13.2 De overdracht vindt plaats op de eerste huurdag tussen 15:00 en 17:00 uur, de inname op de laatste huurdag voor 10:00 uur. Op zaterdagen, zondagen en feestdagen is geen overdracht of inname mogelijk. De dag van overdracht en inname worden samen als één dag berekend, mits de 24 uur in totaal niet wordt overschreden. Voor het inleveren van het voertuig moet dit door de huurder vanbinnen onberispelijk worden schoongemaakt. Mocht dit niet het geval zijn, dan moet de huurder de schoonmaakkosten ter hoogte van een forfait van € 115 dragen. Indien ook het toilet door de verhuurder gedeeltelijk of volledig moet worden gereinigd, moet de huurder schoonmaakkosten ter hoogte van een forfait van € 150 dragen. De inname van het voertuig wordt bevestigd door de handtekening op het inleverprotocol.

13.3 Het verhuurstation kan de overdracht van het voertuig onthouden totdat de voertuiginstructie heeft plaatsgevonden. Hierdoor ontstane vertragingen bij de overdracht en kosten komen voor rekening van de huurder.

14. Vervangend voertuig

Indien door een onvoorziene omstandigheid een geboekt voertuig niet of niet meer beschikbaar is of het individueel geboekte voertuig niet op het verhuurstation kan worden klaargezet, is de verhuurder gerechtigd, maar niet verplicht, een ander voertuig qua grootte en uitrusting, ook kleiner of groter, ter beschikking te stellen. Hierdoor ontstaan voor de klant geen extra huurkosten. Indien door het gebruik van het andere voertuig bijkomende kosten ontstaan, zoals veer- en tolkosten of bedrijfskosten die anders niet zouden zijn ontstaan, komen deze voor rekening van de huurder. Indien het voor de verhuurder na het sluiten van de overeenkomst onmogelijk wordt om het voertuig ter beschikking te stellen zonder dat hem schuld treft, wordt hij ontslagen van de leveringsplicht als een tijdige reparatie of vervanging voor de overdracht aan de huurder niet met redelijke inspanning mogelijk is.

15. Buitenlandse ritten

Buitenlandse ritten binnen Europa zijn mogelijk. Voor Oost-Europese landen en landen buiten Europa is voorafgaande toestemming van de verhuurder en de aanvraag van een speciale verzekeringsdekking vereist. Ritten naar oorlogs- en crisisgebieden zijn verboden.

16. Beperking van aansprakelijkheid

De aansprakelijkheid voor gebreken voor claims tot herstel en huurprijsvermindering is beperkt tot maximaal driemaal de daghuurprijs.

17. Vervaltermijn, verjaring

17.1 Claims wegens het niet volgens de overeenkomst leveren van de huur moet de huurder binnen een week na de contractueel voorziene inname van het voertuig schriftelijk bij het verhuurstation melden. Na afloop van de termijn kunnen claims alleen geldend worden gemaakt als er geen sprake is van schuld aan het niet naleven van de termijn.

17.2 Contractuele claims van de huurder, ook die uit de schending van precontractuele, postcontractuele en nevenverplichtingen door de verhuurder, verjaren zes maanden na de contractueel voorziene inname. Als de huurder dergelijke claims geldend heeft gemaakt, wordt de verjaring opgeschort tot de dag waarop de verhuurder de claims schriftelijk afwijst.

17.3 De overdracht van claims uit de huurovereenkomst aan derden, ook aan echtgenoten of andere medereizigers, is uitgesloten, evenals het geldend maken van dergelijke claims in eigen naam.

18. Opslag en doorgifte van persoonsgegevens

18.1 De huurder gaat ermee akkoord dat de verhuurder Sabine & Thomas Loth zijn persoonlijke gegevens opslaat.

18.2 De verhuurder mag deze gegevens, evenals de informatie van de ingebouwde volgapparatuur, via de centrale waarschuwingsring en aan derden die een legitiem belang hebben doorgeven, indien de bij de verhuur verstrekte gegevens op wezenlijke punten onjuist zijn of het gehuurde voertuig niet binnen 24 uur na afloop van de huurperiode wordt teruggebracht of huurvorderingen via een gerechtelijke aanmaningsprocedure moeten worden geïnd of door de huurder verstrekte cheques niet worden verzilverd of wissels worden geprotesteerd. Verder kan doorgifte van de gegevens aan alle voor de vervolging van overtredingen en strafbare feiten bevoegde autoriteiten plaatsvinden in het geval dat de huurder zich daadwerkelijk oneerlijk heeft gedragen of er voldoende aanwijzingen hiervoor zijn. Dit gebeurt bijvoorbeeld in het geval van onjuiste gegevens bij de verhuur, het tonen van valse of als vermist opgegeven identiteitsbewijzen, het niet teruggeven van het voertuig, het niet melden van een technisch defect, verkeersovertredingen en dergelijke. Wettelijke verplichtingen tot het doorgeven van gegevens worden door deze regeling niet beperkt.

19. Bevoegde rechtbank

Voor alle geschillen uit of over deze overeenkomst wordt als bevoegde rechtbank de vestigingsplaats van de verhuurder overeengekomen, voor zover de huurder geen algemene bevoegde rechtbank in het binnenland heeft of na het sluiten van de overeenkomst zijn woonplaats of gewone verblijfplaats naar het buitenland verplaatst of zijn woonplaats of gewone verblijfplaats op het moment van het instellen van de vordering niet bekend is, de huurder ondernemer is of een in § 38 lid 1 ZPO gelijkgestelde persoon.

20. Slotbepalingen

Alle afspraken dienen schriftelijk te worden vastgelegd. Mochten afzonderlijke bepalingen van deze algemene voorwaarden nietig zijn of worden, dan heeft deze nietigheid geen invloed op de overige punten. De nietig geworden bepalingen moeten zo worden uitgelegd dat hun doel op effectieve wijze kan worden bereikt. Dwingende voorschriften blijven onverminderd van kracht en gelden als zodanig overeengekomen.